Docenten

Crealucion, een verslag van ‘de zoektocht naar gedroomd onderwijs’.

cf

Wetenschap, fictie of realiteit? Coen Free schreef een boek waarin hij al zijn ideeën over leren, het brein en de toekomst verwoordt. Haye van der Werf las het en vond het inspirerend.

Door Haye van der Werf

Crealucion, Handreiking voor Gedroomd Onderwijs en Duurzame Talentontwikkeling

In de nadagen van zijn actieve loopbaan heeft Coen Free een leerzaam boek geschreven.
Free heeft een lange carrière in het onderwijs achter de rug: Gestart op de Reeburgmavo in Vught via het Dag- Avond MEAO uiteindelijk Voorzitter College van Bestuur Koning Willem I College den Bosch.
Daarnaast medeoprichter van het Consortium voor Innovatie, befaamd Bosscholoog, Bosschenaar van het jaar in 1999 maar ook wereldreiziger, kenner van het Amerikaanse systeem van Community Colleges en specialist in ‘creatief denken’.
Crealucion is een verslag van ‘de zoektocht naar gedroomd onderwijs’. De ‘Heilige Graal’ van duurzame talentontwikkeling.

Daarvoor gaat hij nog één keer langs bij deskundigen en goeroes die hem hebben geïnspireerd en toegerust.
Op drie niveaus, micro – meso – macro, geeft hij aan hoe het ideale onderwijs eruit zou moeten zien, wat in de realisatie de belemmeringen zijn en hoe deze te voorkomen of te overwinnen.
Zijn voorkeur voor hetgeen gebeurt in de ‘klas’, de unieke relatie tussen de leraar en de leerling blijkt direct duidelijk uit de kwantitatieve aandachtverdeling in het boek.
155 Pagina’s zijn gewijd aan het Microniveau o.m. “Wat is leren?” , “Wanneer leer je het best? ”, “Wat moeten mensen leren?” en “Creativiteit en Onderwijs.”
21 Pagina’s gaan over het Meso-niveau: Colleges van Bestuur, Directies en Managementteams van Schoolorganisaties. Daarin ook aandacht voor ‘Leiderschap’ en de noodzakelijke kwaliteiten daarvan.
11 Pagina’s tenslotte bespreken ‘het sturingsvraagstuk van de overheid die verantwoordelijk is voor een deugdelijk onderwijsstelsel dat de kracht van de samenleving bevordert.’

Het eerste gedeelte over het ‘micro-niveau’ heeft een haast encyclopedisch karakter. Welhaast iedere geleerde of goeroe die iets gezegd heeft over het functioneren van de hersenen, de intelligentie, leren, 21th century skills, de inhoud van het onderwijs of creativiteit komt aan bod.
Coen Free kiest duidelijk voor ‘het maakbare brein’. Met als sleutelwoord ‘spiegelneuronen’. Ik zal hier niet al te diep op ingaan op dat fenomeen – pas wetenschappelijk onderbouwd in 2000 – maar het opent naar de mening van Free geheel nieuwe vergezichten m.b.t. leersituaties en de mogelijkheden het uiteindelijk niveau van leerlingen positief te beïnvloeden. Die maakbaarheid en de ontwikkelingsfasen van de hersenen brengen hem ook tot kritische opmerkingen over het huidige onderwijsstelsel en de mythe van het zelfsturend puberbrein.
Uitgebreid staat hij stil bij de ideeën van zijn gidsen in de zoektocht naar het ‘’ Gedroomd onderwijs”.
Robert Kegan, Arnold Cornelis, Edward de Bono, Howard Gardner maar ook de Nederlandse deskundigen als Jelle Jolles, Monique Boekaerts en Robert-Jan Simons worden genoemd en uitgebreid geciteerd.
De nadruk op het unieke van ieder kind, de gedifferentieerde ontwikkeling van (logische) intelligentie en creativiteit (in zijn ogen verschillende fenomenen) leiden vanzelf tot de benoeming van de leraar als spil van het onderwijs. Immers dat is degene die het kind, de leerling of student kent en in een pedagogische en didactische relatie kan functioneren als ‘het meest interactieve multimediale medium tot leren dat er bestaat’.

Het ‘microniveau’ is dus qua omvang en diepgang verreweg het belangrijkste deel van het boek en levert theoretische en andere inzichten die elke student pabo of lerarenopleiding zich eigen zou moeten maken. Hetzelfde geldt werkzame docenten en anderen binnen de onderwijsinstellingen.
Niet om het met alles eens te zijn maar wel als ‘opfriscursus, bron van nieuwe inzichten en bewustwording van de dagelijks praktijk en de effecten’.

Als gezegd zijn  de beschouwingen over het meso- en macroniveau aanzienlijk korter. Coen heeft daar zelf ook zo zijn twijfels bij. Citaat: “De halve Veluwe leeft van managementseminars waar leidinggevenden zich tegen betaling van veel geld laten voorlichten en trainen hoe ze leiding moeten geven (–) aan een cultuuromslag binnen hun organisaties. De adviesbureaus varen er wel bij (—).
Echt veel  helpt het niet, want onderzoek toont aan (–) dat slechts 16 % van de inspanningen tot de gewenste verandering (–) leidt.
Doet me denken aan de opmerking van A.L. Snijders in ‘Voordeel Schutter’:
“Bovendien ben ik van mening dat de kern van het onderwijs brandt in het reactorvat van de klas, achter gesloten deuren. Vergaderingen, recepties, onderwijskundige hoogstandjes, educatieve poeha, leermiddelen, vakgroepen, moduulontwikkeling, allemaal larie in vergelijking met de leraar & zijn klas.”

Niettemin bevatten deze hoofdstukken ook nog behartigenswaardige adviezen aan managers, koepelorganisaties en de overheid.
Verdiep je als leidinggevende in de theorie zoals behandeld in het microniveau, schep ruimte voor creativiteit en vertrouw op intuïtie als een belangrijke kracht.
En tenslotte voor de overheid: wees bewust van de snelle veranderingen in de wereld, vraag je af of het huidige stelsel nog houdbaar is.  Creëer een stelsel dat niet tegen de werking van het menselijk brein ingaat maar dit juist ondersteunt!

Op de achterflap van het boek constateert Marja van Bijsterveldt: “Dit boek kan een enorme inspiratiebron worden voor velen in het onderwijs.”
Als minister was ik het vaak niet maar haar eens. Maar hier heeft ze een punt!

Crealucion
Coen Free
ISBN 978-90-825861-0-7
Te bestellen: Jheronimus Bosch Art Center
Consortium voor Innovatie: mail:  info@cviweb.nl

Nog een mooie bijvangst bij de lezing van “Crealucion”: De inaugurele rede van Edith Hooge “Besturing van Autonomie, Over de Mythe van Bestuurbare Onderwijsorganisaties”.   Zie  http://www.consultancy.nl/media/BMC%20-%20Besturing%20van%20Autonomie-6519.pdf

Leave a Reply

Thema door Anders Norén