Bloggen, Didactiek, Docenten, VO

De Agora challenge

agoraleerlingen

“Ze moeten het wel willen, anders kunnen ze beter een andere school zoeken.” “Sommige leerlingen hebben gewoon structuur nodig en daar is Agora niet zo geschikt voor”. Aldus enkele leerlingen van de Agora ‘school’ in Roermond tijdens een studiemiddag met als thema Leerlingen aan het stuur.

De Agora was de plek waar het sociale leven zich in het oude Griekenland afspeelde. Het woord agora betekent verzamelplaats. De agora was in eerste instantie een ontmoetings- en vergaderplaats voor de vrije burgers (mannen, want het werk werd in de regel door de vrouwen en de slaven gedaan). Oorspronkelijk kwam hier ook de volksvergadering bijeen. Daarnaast werd de agora gebruikt als marktplaats en als plek waar men zich kon ontspannen. (Wikipedia).

‘Leerlingen aan het stuur’ was opgezet door Gerdien Oort, docent Nederlands aan het Nieuwe Lyceum in Bilthoven, en Nicole Verhoeven, docent wiskunde aan De Werkplaats in Bilthoven. Zij hadden masterclasses gevolgd aan de Nederlandse School. Het was de Nederlandse School die de middag samen met Randstad Uitzendbureau mogelijk maakte. Een enthousiaste Suzanne von der Dunk, directeur onderwijs van Randstad, opende de middag in het imposante hoofdkantoor van Randstad.

Mensen die denken precies te weten hoe je lesgeeft hadden misschien een slechte middag bij de presentaties van leerlingen van de niet onomstreden Agora in Roermond. Bij Agora gaat het allemaal heel anders. Het was genieten van de openhartige antwoorden van de leerlingen. Hier zagen we kritische maar ook zeer gemotiveerde pubers die geen enkele vraag uit de weg gingen.

De eerste centrale presentatie werd verzorgd door leerlingen van Agora samen met enkele stagiaires. Er waren helaas geen coaches (docenten kent men niet op Agora), want sommige antwoorden riepen wel vragen op. Maar de leerlingen waren uiteindelijk de beste ambassadeurs die men zich kon wensen. Sjef Drummen, bekend om zijn opmerkelijke uitspraken, was niet aanwezig, “Als een leerling tegen je zegt: ‘Stomme lul!’, dan is dat eigenlijk een pedagogisch cadeautje,” aldus Drummen in een interview met Johannes Visser in De Correspondent.
Leerlingen van de scholengroep Meerwegen stelden een scholierenmanifest op. Er moest feedback (beoordeling?) gegeven kunnen worden aan docenten, stemrecht voor de leerlingen in sollicitatieprocedures, mee beslissen in schoolbeleid en men wilde meer vakoverstijgende lessen.

Maori-gesprek

 Voorts waren er diverse workshops zoals van de Bildung Academie. Bildung blijkt in de praktijk een nogal fluïde begrip. De nuchtere manier waarop Aleid Truijens dat begrip in haar columns in De Volkskrant gebruikt lijkt van een andere orde dan bij de Bildung Academie.

De bedoeling was de Bildungworkshop te volgen. Deze werd gepresenteerd door bewegingswetenschapper Koen Wessels. Wessels is een van de oprichters van de Bildung Academie en auteur van een boek over de Bildung Academie getiteld: Dan maken we ons onderwijs zelf wel – een bildungsvisie. Koen, een lange jongeman met knotje en vlassige baard, vertelde wat de bedoeling was. We zouden een Maori-gesprek voeren over het onderwerp ‘Leerlingen aan het stuur’. De groep moest in tweeën worden gedeeld. Voorstanders aan de ene kant, tegenstanders aan de andere. Het door hem ingevoerde Maori-model eiste dat de stoelen aan de kant gingen en wij op de grond moesten gaan liggen. De schrijver dezes besloot niet te gaan liggen om aan het Maori-gesprek mee te doen en maar een andere groep op te zoeken. Er ging later het gerucht dat er in de Maori-sessie ook nog werd geknuffeld, wat mij geen fijn idee leek.

Deze beslissing bracht mij terug bij een boeiend vragenuurtje met Agoraleerlingen. Door hun intelligente en eerlijke antwoorden op vaak kritische vragen van docenten uit de zaal groeide mijn waardering voor Agora. Het werd duidelijk dat de school geen gewone school is. Agora telt slechts 160 leerlingen. De jaargroepen zijn heterogeen samengesteld en vormen coachgroepen. Elke coachgroep bestaat uit 16 leerlingen en heeft een eigen coach. Jonge leerlingen krijgen een buddy toegewezen. Alles draait om ‘Challenges’. Vroeger heette dat op Agora ‘projecten’. Waarom men nu sinds een jaar gekozen heeft voor een andere benaming werd niet duidelijk.  Challenges kunnen kort en lang van duur zijn. Vaak werkt men er individueel aan, maar er kan ook worden samengewerkt.

Elke coachgroep begint de dag met een dagstart. Dan wordt er volgens Duncan, leerling op het Agora, een half uur gepraat over de actualiteit of ‘iets filosofisch’. De kleine, ontwapenende Duncan, gaf eerlijk aan dat hij niet dol was op de dagstarts. Daarna gaat men de planning voor de dag maken (uitvoeren?). Het betekent dat er gewerkt wordt aan de eigen challenge. Er kan ook een les worden gevolgd van een externe expert. Ik neem aan dat dat doorgaans een docent is van het grotere Niekée waartoe Agora behoort.  Dat kan bijvoorbeeld een wiskundeles zijn die eens per week (0,5 uur) wordt gegeven. “Is dat niet wat weinig?”, vroeg een van de docenten uit de zaal? Ook is er dagelijks het leeshalfuurtje (vrije leeskeuze). De Agoradag begint om negen uur en duurt tot half drie. Agora kent geen huiswerk, maar de leerlingen geven aan dat ze niet thuis op de bank willen hangen; dat vinden hun ouders ook niet prettig. Er wordt dan ook vaak thuis aan de challenges gewerkt. Voor het overige drijft Agora vooral op de combinatie van zelfstudie, vooral met gebruik van internet, en werken aan de challenge en een beetje les (instructie?).
Die challenges zijn zeer verschillend van karakter. Een leerling die zich nu voorbereidt op haar eindexamen vertelde dat ze een paar jaar geleden een project deed over de werking van de spieren bij een paard. Een andere leerling was bezig met het ontwerpen en bouwen van zijn studietafel. Duncan en een andere leerling schrijven een boek over onder andere depressies.

Eerste jaren weinig uitgevoerd

 Het zijn de coaches die de voortgang en motivatie bewaken. Dat lijkt geen overbodige luxe. Enkele leerlingen gaven aan dat men de eerste jaren zeer weinig had uitgevoerd. Een andere leerling ontdekte na haar derde jaar dat ze voor een aantal exacte vakken een behoorlijke achterstand had. Ze werkt nu hard aan de stof voor het eindexamen (dit jaar doet een aantal Agoraleerlingen voor het eerst eindexamen) en ze wil heel graag diergeneeskunde gaan studeren. Het valt op dat, met alle mogelijke mitsen en maren, deze leerlingen zeer gemotiveerd en enthousiast zijn.
Leerlingen bepalen zelf op welk niveau men eindexamen mag (gaat) doen. Echte toetsen worden niet gegeven en het blijft wat onduidelijk op basis waarvan voor een examenniveau wordt gekozen. Leerlingen maken wel proefexamens als ze zich voorbereiden op het centraal schriftelijk. Hoe het precies zit met het zogenaamde PTA werd niet helemaal duidelijk.

De leerlingen zijn zeer loyaal aan hun school. Als ze een achterstand opliepen lag dat toch vooral aan henzelf. Voor sommige leerlingen is de school een openbaring. “Vroeger was ik verlegen en durfde ik niets. Dat heb ik sinds ik op Agora zit helemaal niet meer.” Sommige leerlingen komen van ver naar Roermond en hebben dagelijks een reistijd van bijna drie uur. Wat opvalt is dat voor een behoorlijke groep leerlingen geldt dat die op een andere school hun draai niet konden vinden, maar zich nu op Agora zeer thuisvoelen. Ook in dit opzicht is Agora een bijzondere school.

Schoolbestuurder Joost Kentson vroeg wat er zou moeten veranderen of verbeteren op Agora. Ook hier eerlijke antwoorden. “Niet telkens dingen veranderen en dan ook weer een andere werkplek krijgen”, antwoordde Daan, die eerder aangaf dat hij de eerste jaren niks had uitgevoerd, maar na therapeutische gesprekken nu zeer gemotiveerd is.

Uit publicaties blijkt dat Agora-fan Jos Claessen, hoogleraar onderwijskunde aan de Open Universiteit (OU), meent dat Agora aan het begin staat van een grote revolutie in het Nederlands onderwijs. Laten we de eerste eindexamenresultaten dit schooljaar afwachten. Agora-onderwijs lijkt weinig evidence based. Wellicht moet Claessen eens met zijn OU-collega Paul Kirschner rond de tafel gaan zitten.

Op de vraag waar men op Agora trots op is antwoordden de leerlingen dat de school heel anders is, uniek in het land! Men noemde ook de grote vrijheid die men geniet, al zal die niet voor alle leerlingen geschikt zijn. Gelet op de nauwe betrokkenheid van de ouders, ongetwijfeld ook bij de keuze van het examenniveau, de hoge eisen die aan leerlingen worden gesteld en het verplichte toelatingsgesprek, zou dit wel eens een elitaire school kunnen zijn. De aanwezige leerlingen waren op een na wit.

Een docent vroeg of het waar is dat leerlingen liever met Agora doorgaan dan op vakantie? Onder hevig gelach werd dit naar het rijk der fabelen gezonden. “Nee, nou niet overdrijven! Agora is mooi, maar vakantie komt eerst.”

Door Jan Lepeltak

 

  1. Omdat de Bildung Academie hier ook genoemd wordt, ben ik er trots op hier te melden dat de Bildung Academie , terwijl we een succesvolle minor verzorgden, uitgenodigd zijn medewerking te verlenen aan een geheel nieuw introductieprogramma.

  2. Suzanne von der Dunk

    In reactie op het enthousiaste artikel over onze bijeenkomst Conferentie leerling aan het stuur op 23 november bij Randstad, een paar kleine rectificaties voor de volledigheid om betrokkenen niet te kort te doen.
    De conferentie is een initiatief van de Nederlandse School en TOPklas Randstad. Beide professionaliseringstrajecten voor docenten hebben het organiseren van masterclasses opgenomen in hun programma’s.
    Het Manifest van de leerlingen was van aanwezige leerlingen van meerdere scholen en niet alleen van de Meerwegen Scholengroep, de 10 belangrijkste punten zijn hiervan opgesteld en voor geïnteresseerden bij ondergetekende opvraagbaar.

Leave a Reply

Thema door Anders Norén