Jason Bhugwandass (20) schrijft sinds kort ook blogs voor KomenskyPost. Hij noemt zichzelf ‘gepromoveerd probleemjongere’. Wie is deze intelligente, actieve en moedige jongeman die een stem geeft aan al die jongeren die in instellingen van de jeugdzorg zitten? Hierbij enkele fragmenten uit zijn online-boek dat hij aan het schrijven is, waaruit iets meer duidelijk wordt over zijn achtergrond. Komende zaterdag is hij ook aanwezig op een van de boten (Spirit) van de gaypride.

Hoi ik ben Jason. En ik ben ooit begonnen met schrijven, op een kamertje in een gesloten jeugdzorginstelling.

Als ‘s avonds de deur achter mij op slot werd gedraaid en ik achter bleef op mijn kamer, ging ik aan mijn bureau zitten, keek even uit het raam naar de buitenwereld die nu donker oogde en begon dan met een verslagje van de dag.

Schrijven heeft mij toentertijd enorm geholpen met het verwerken van mijn gedachten. Ik schreef over het leven op de groep; het ervaren van een depressie; over de band met mijn ouders. Ik schreef over mijn angst voor mensen en mijn irritatie jegens zoetsappige koppels die hand in hand over straat lopen.

Die verhalen heb ik in samenwerking met de Hoenderloo Groep kunnen verwerken in mijn boek: ”Jeugdzorg, mijn dagboek.” En vanaf nu zal ik op de ExpEx website blogs gaan schrijven over wat mij intrigeert en wat mij bezig houdt.

Ik groeide op in een situatie met veel huiselijk geweld. Mijn vader had een alcoholverslaving en was tevens erg agressief. Mijn broer had last van PDDNOS en is licht verstandelijk beperkt. Hij had last van agressieregulatie-problematiek en richtte zijn woedeaanvallen naar mij. Als kind was het voor mij onvermijdelijk om dagelijks in heftige gevechten verstrikt te raken.

Verder was ik het buitenbeentje in het gezin. Mijn prioriteiten lagen te allen tijden bij school; ik viel niet agressief uit naar mensen; ik koos de juiste vrienden uit en hield afstand van drank, drugs en criminaliteit. Op de middelbare school ging het echter al snel heel slecht met me. Het was voor mij moeilijk naar een nieuwe school te gaan. Mijn cijfers gingen met meerdere punten omlaag en mijn mentale gezondheid ging loeihard achteruit.

Ik kampte klaarblijkelijk met een depressie. Dit kwam aan het licht toen het mij niet meer lukte om mijn bed uit te komen. Ik kwam op mijn 16e voor het eerst echt in beeld bij de hulpverlening. Na een aantal maanden op mijn kamer gezeten te hebben, zonder contact met anderen, werd ik voor het eerst opgenomen. Al gauw bleek dat ik overal tussen wal en schip belandde. Ik werd hierdoor vaak overgeplaatst, van instelling naar instelling, of van groep naar groep. Uiteindelijk kwam ik zo weinig buiten dat ik een angst had ontwikkeld voor alles buiten mijn slaapkamerdeur. Ik durfde de straat niet meer op.

Naarmate ik langer in de instellingen zat, verergerde mijn problematiek. De laatste maanden voor mijn 18e waren een sprint naar herstel. Het was mijn vijfde en laatste instelling geweest die mij een kans wilde geven. Ik moest oefenen met naar buiten gaan; dat moest ik als meerderjarige immers ook kunnen. Ik had een groepsleider die mij behandelde alsof ik haar eigen kind was. Dit heeft voor mij het verschil gemaakt. Ik had mensen om mij heen die voor mij in het diepe wilden springen en kon hierdoor stappen zetten die ik eerder niet zetten kon.

Tot ieders verbazing is de sprint naar herstel succesvol geweest. Ik woon sinds mijn 18e begeleid in Amsterdam. Op mijn 19e ben in uit de kast gekomen als transgender. Ik leef nu als jongen, maar ben geboren in het lichaam van een meisje. Eerder speelde er te veel in mijn leven om goed om te kunnen gaan met dit gevoel. Nu het beter gaat ben ik mijn transitie begonnen.

Ik heb geleerd zelfstandiger te zijn, en sta een stuk meer op eigen benen. Nu zet ik me in als ervaringsdeskundige bij ExpEx. Ik vind het belangrijk dat de situatie voor alle jongeren in de jeugdzorg zo goed mogelijk geregeld is.