Het feit dat er zoveel jeugdigen(vooral meisjes) in gesloten inrichtingen zitten levert volgens een recent onderzoek (zie ook https://nos.nl/artikel/2238441-rapport-misbruikte-kinderen-te-vaak-in-gesloten-jeugdzorg.html ) de nodige vragen op. Het is daar niet altijd prettig toeven zo blijkt uit de ervaringen van ervaringsdeskundige Jason Bhugwandass (20 ). Zie ook https://komenskypost.nl/?p=3922.

Door Jason Bhugwandass

In 2004 werd de 3-jarige Savannah vermoord door haar vader. Het meisje stond onder toezicht van bureau Jeugdzorg. In het verslag dat de Inspectie vervolgens maakte over het voorval, werd geconcludeerd dat bureau Jeugdzorg te nalatig was geweest.

Sindsdien is het toezicht op ouders flink aangescherpt. De ondertoezichtstelling verkoopt als warme broodjes over de toonbank. De uithuisplaatsing wordt niet langer meer geschuwd. Uit het Jaarverslag Kinderrechten van Unicef en Defence for Children blijkt dat het aantal jongeren in de gesloten Jeugdzorg een recordaantal heeft bereikt: 2710 in 2017. De ouders worden nu gecontroleerd en wanneer er iets verkeerd gaat wordt adequater en sneller gehandeld. Wanneer een kind uit huis geplaatst wordt moet de situatie waar zij in gedwongen worden beter zijn dan de situatie waar ze uit komen. Een belangrijke factor om de rechten van het kind te waarborgen is het klachtenrecht… En dat schiet tekort.

Wanneer zich een calamiteit voordoet, is de eerste stap veelal de klachtencommissie. Jongeren en ouders kunnen een beroep doen op hun klachtenrecht. In de onderstaande tekst ga ik in op de knelpunten van het klachtensysteem en onderbouw ik waarom ik vind dat maar weinig jongeren met het klachtenrecht geholpen zijn.

Benoemingswaardig is dat het noodzakelijk is dat het klachtenrecht laagdrempelig genoeg is, wil het nuttig zijn. De stap naar de klachtencommissie moet een kleine stap zijn die toereikend is voor alle jongeren. Verder moet er genoeg vertrouwen zijn in de werking en eerlijkheid van het proces. Mensen die niet geloven in het politieke systeem stemmen immers ook niet. In de praktijk zijn er drie grote knelpunten die ervoor zorgen dat de rechten van jongeren moeizaam gewaarborgd kunnen worden door de inzet van een klachtencommissie.

Jongeren zitten mogelijk in een afhankelijkheidsrelatie.

Een afhankelijkheidsrelatie kan de drempel verhogen. Wanneer een jongere woont in een residentiële setting, is de jongere afhankelijk van de zorgaanbieder. Wanneer de jongere in de situatie komt waarin hij een klacht zou willen indienen, zal hij de afweging maken of dit niet voor meer problemen zorgen zal. Mijn ervaring is dat bij het spreken over een klacht de band met de behandelaar op gespannen voet kan komen te staan.

Een klacht mag een jaar na het voorvallen van de situatie ingediend worden. Zou de jongere binnen deze periode verhuisd zijn, dan zou het argument van de afhankelijkheidsrelatie vervallen. Dat neemt echter niet weg dat de situatie dan pas naderhand opgelost kan worden en de jongere geen of weinig profijt zal hebben bij een klachtzitting. Daarbij moet worden meegenomen dat er een jaar over een situatie is heengegaan en de vraag is dan of de jongere überhaupt nog iets met de klacht zou willen doen. De organisatie of stichting ontspringt hiermee de dans.

Jongeren hebben niet altijd de verbale capaciteiten om een klacht goed te kunnen formuleren en kracht bij te zetten.

Noodzakelijk bij een klachtzitting is dat je als jongere in staat bent de klacht duidelijk en goed te verwoorden. Wanneer een klacht niet goed onderbouwd wordt, wordt de klacht al snel ongegrond verklaard, ook wanneer inhoudelijk gezien de klacht gegrond zou zijn.

Zelf heb ik ook een aantal klachtzittingen gehad. Het is vergelijkbaar met de gemiddelde civiele rechtszitting, alleen ben je tijdens een klachtenzitting aamgewezen op je eigen verdediging. Je functioneert als je eigen advocaat, alleen dan zonder de universitaire rechtenstudie. Je moet in staat zijn je te kunnen verweren en tegenargumenten te weerleggen.

Iedere klacht die ik gegrond verklaard kreeg is niet gegrond verklaard op basis van de inhoud, maar op basis van de presentatie van de klacht. Daartegenover staat dat iedere klacht die ongegrond verklaard is, ongegrond is verklaard vanwege mijn onvermogen het probleem en de ernst daarvan goed over te brengen.

Hier knelt het. Het klachtenrecht geldt voor alle jongeren in de jeugdzorg en omdat het ontzettend moeilijk is om een klacht gegrond verklaard te krijgen lukt het veel jongeren niet. Instellingen hebben niet het idee tegen de lamp te lopen wanneer een jongere de klachtencommissie gebruikt als pressiemiddel, omdat bekend is dat er niks met klachten gebeurt. We verwachten van jongeren, alle jongeren, dat ze zichzelf kunnen verdedigen. Oók de jongeren met leerachterstanden of verstandelijke beperkingen. Jongeren die niet het vermogen hebben om een verbaal spelletje aan te gaan.

Het Algemeen Klachtenbureau Jeugdzorg (AKJ) kan hierin een grote rol spelen. Mijn ervaringen met het AKJ zijn ook heel goed. Een vertrouwenspersoon kan jongeren bijstaan voor en tijdens klachtenzittingen. Dit vermindert het probleem, maar neemt dit punt zeker niet weg.

 Jongeren kennen niet al hun rechten en kunnen alleen handelen wanneer zij weten dat deze geschonden worden.

In residentiële settings wonen veel jongeren met een verleden van mishandeling, misbruik of verwaarlozing. Ik heb van dichtbij mogen meemaken hoe moeilijk het voor jongeren kan zijn om te herkennen en erkennen dat zij in een oneerlijke situatie zijn beland en dat er niet goed met ze wordt omgegaan. Hier heb ik over geschreven met betrekking tot de situatie met mijn broer (‘Hoe ik erachter kwam dat ik mishandeld werd’ https://www.expex.nl/hoe-ik-erachter-kwam-dat-ik-was-mishandeld/).

Wanneer een jongere de situatie niet herkent, kan hij hier niet naar handelen. Hij zal de stap naar de klachtencommissie niet zetten, omdat hij zich van geen kwaad bewust is. Daarbij komt dat het een onrealistische verwachting is dat jongeren al hun rechten kennen.

Hebben wij het over een klachtencommissie, dan werken wij met een systeem waarin wij van jongeren (of ouders) verwachten dat zij zelf aan de bel trekken. Voor veel jongeren is dit geen optie.

Met de huidige klachtenregeling is de drempel een klacht in te dienen te hoog en is het te moeilijk om klachten gegrond verklaard te krijgen. Bij goede rechtsbescherming voor jongeren die uit huis geplaatst zijn hoort een goed functionerend stelsel. In het huidige systeem hebben jongeren geen rechten tot zij deze kennen en kunnen verdedigen.

Jason Bhugwandass