Didactiek, Instructiemethode, Klassenmanagment, Kwaliteit, Leraren, Onderwijsmythes, Onderzoek, Pedagogiek, Praktijk

Over onderwijsprofessionalisering, pannenkoeken en schouders

Trudo Herman

Net zoals er een kwaliteitskader voor leermiddelen werd ontwikkeld (ExCEL Thomas More) is een kwaliteitskader voor onderwijsprofessionalisering zinvol. Ook aan deze sector worden best hoge verwachtingen gesteld.

Opletten geblazen

Er zijn navormers en expertisecentra die uitstekend werk leveren, gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek én ruime praktijkervaring, met aandacht voor vakkennis en didactiek. Anderzijds staan hier en daar te algemene, generieke of vage romantische principes nog te veel voorop. In het Rapport van de Commissie Beter Onderwijs (Vlaanderen oktober 2021) kunnen we lezen dat er de voorbije decennia veel (na)vormingen werden georganiseerd, maar niet allemaal van even goede kwaliteit. Het blijft opletten geblazen voor scholen om door de bomen het bos te zien.

Krakende korrels

Op de werkvloer worden inderdaad al lang vraagtekens geplaatst bij falende onderwijstheorieën die twintig tot dertig jaar geleden door overheden werden gepropageerd en opgelegd, en af en toe nog blijven doorsijpelen in de huidige professionaliseringsinitiatieven. Klassikale instructie, feitenkennis, memorisatie, inoefening en automatisatie bijvoorbeeld werden (worden) daarbij soms onterecht in het verdomhoekje geduwd. Een Nederlandse docente beschreef een tijdje geleden hoe er tientallen jaren werd gevraagd zand toe te voegen bij het onderwijsdeeg, en dat er nu vormingen worden georganiseerd om krakende korrels uit pannenkoeken te leren verwijderen. Dit komt neer op een ambacht afleren om het nu weer aan te leren.

Nagels

Het negationisme omtrent de niveaudaling in het onderwijs van de Lage Landen is de laatste jaren gelukkig aan het wegebben. Het aantal leerlingen dat minder goed leest, schrijft of rekent neemt al minstens twintig jaar toe. We zijn het aan de maatschappij en alleszins aan onze leerlingen verplicht om te blijven onderzoeken wat er fout loopt. Het zal niet liggen aan het gebrek aan zelfsturing en differentiatie, aangezien we die net de laatste decennia ruimschoots hebben binnengebracht in de klas. We moeten ons -ook bij navormingen- op zijn minst mogen afvragen of het zinvol is om nog intenser op dezelfde nagels van de voorbije twintig, dertig jaar te blijven kloppen. Er bestaan leerpleinen waar leerlingen individueel of in groep zitten te werken, één klik verwijderd van ontspanning of sociale media, en zich afvragen wanneer ze nog eens les krijgen.

Via dell’Impero

Bij discussies over onderwijs is er dikwijls sprake van een clash tussen progressief en traditioneel onderwijs. Kritiek op traditioneel onderwijs ervaar ik al vanaf mijn opleiding. Na veertig jaar lesgeven oogt die kritiek voor mij nu zélf traditioneel. De kunstmatige tweedeling van progressief tegenover traditioneel heeft echter weinig te maken met de werkelijkheid, maar veel met ideologie, macht of commercie. Scholen of hun werking worden m.i. best niet radicaal afgebroken om er dan een soort Via dell’Impero te laten aanleggen met een voor sommigen aanbeden, en voor velen opgelegd soort onderwijs. Onze kinderen zijn te belangrijk om te experimenteren met hun breinen. Dwingende staatspedagogie of -didactiek wekt weinig passie op. Dat is tijdens de voorbije decennia duidelijk geworden.

Op schouders

In de waaier aan gelukkig nog diverse onderwijsinstellingen, elk met hun eigen beperkingen, mogelijkheden of sterktes, blijft men hoopvol zandvrije pannenkoeken bakken. Je kan het iedere dag constateren op werkvloeren waar lesgeven wordt beschouwd als een stiel waarbij men met passie mag zoeken, op schouders van vroegere generaties, hoe men zoveel mogelijk leerlingen hoger kan tillen, met degelijke en voldoende instructie, los van enig dogma of doctrine en met aandacht voor het installeren van voldoende basiskennis. Waardevolle elementen uit vernieuwingsbewegingen én waardevolle elementen die reeds langer in het onderwijs aanwezig zijn, kunnen best de basis vormen van een goede professionalisering.

Trudo Herman is een polyfoon gekweekte antieke lesgever, geboren en getogen in een muzikaal onderwijsnest. Vader, moeder, broer, zus, ooms, tantes, neven, nichten en vrienden waren werkzaam in het Vlaamse onderwijs en dat is Trudo nog steeds, voor de 42e keer voor de klas in de Vrije Centrumschool Zuid op campus Klein Seminarie te Roeselare. Hij kreeg zijn tweejarige opleiding tot onderwijzer aan de toenmalige normaalschool te Torhout en werd daar onder andere geïnspireerd door pedagoog Raf Feys, hoofredacteur van Onderwijskrant. Tijdens zijn loopbaan behaalde hij verder het diploma Hogere Opvoedkundige Studiën. Eén van Trudo’s voornaamste hobby’s is lesgeven.

Geef een reactie

75 − 71 =

Translate »